Vervoeging van zwijmen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zwijmen
to faint, to swoon
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zwijm
Verleden tijd (ik)zwijmde
Voltooid deelwoordgezwijmd
Volledige vervoeging van het werkwoord zwijmen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zwijm
jij zwijmt (inversie: zwijm jij)
u zwijmt
hij/zij/het zwijmt
wij zwijmen
jullie zwijmen
zij zwijmen

Verleden tijd

ik zwijmde
jij zwijmde
u zwijmde
hij/zij/het zwijmde
wij zwijmden
jullie zwijmden
zij zwijmden

Gebiedende wijs

Imperatief

zwijm

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zwijmen

Gerundium

zwijmen

Onvoltooid deelwoord

zwijmend

Voltooid deelwoord

gezwijmd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.