Vervoeging van zwachtelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zwachtelen
to bandage, to bind, to wrap
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zwachtel
Verleden tijd (ik)zwachtelde
Voltooid deelwoordgezwachteld
Volledige vervoeging van het werkwoord zwachtelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zwachtel
jij zwachtelt (inversie: zwachtel jij)
u zwachtelt
hij/zij/het zwachtelt
wij zwachtelen
jullie zwachtelen
zij zwachtelen

Verleden tijd

ik zwachtelde
jij zwachtelde
u zwachtelde
hij/zij/het zwachtelde
wij zwachtelden
jullie zwachtelden
zij zwachtelden

Gebiedende wijs

Imperatief

zwachtel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zwachtelen

Gerundium

zwachtelen

Onvoltooid deelwoord

zwachtelend

Voltooid deelwoord

gezwachteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.