Vervoeging van zoomen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zoomen
to zoom
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zoom
Verleden tijd (ik)zoomde
Voltooid deelwoordgezoomd
Volledige vervoeging van het werkwoord zoomen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zoom
jij zoomt (inversie: zoom jij)
u zoomt
hij/zij/het zoomt
wij zoomen
jullie zoomen
zij zoomen

Verleden tijd

ik zoomde
jij zoomde
u zoomde
hij/zij/het zoomde
wij zoomden
jullie zoomden
zij zoomden

Gebiedende wijs

Imperatief

zoom

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zoomen

Gerundium

zoomen

Onvoltooid deelwoord

zoomend

Voltooid deelwoord

gezoomd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.