Vervoeging van zinderen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zinderen
to sizzle
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zinder
Verleden tijd (ik)zinderde
Voltooid deelwoordgezinderd
Volledige vervoeging van het werkwoord zinderen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zinder
jij zindert (inversie: zinder jij)
u zindert
hij/zij/het zindert
wij zinderen
jullie zinderen
zij zinderen

Verleden tijd

ik zinderde
jij zinderde
u zinderde
hij/zij/het zinderde
wij zinderden
jullie zinderden
zij zinderden

Gebiedende wijs

Imperatief

zinder

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zinderen

Gerundium

zinderen

Onvoltooid deelwoord

zinderend

Voltooid deelwoord

gezinderd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.