Vervoeging van zetelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zetelen
to settle, reside, sit (especially as in parliament)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zetel
Verleden tijd (ik)zetelde
Voltooid deelwoordgezeteld
Volledige vervoeging van het werkwoord zetelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zetel
jij zetelt (inversie: zetel jij)
u zetelt
hij/zij/het zetelt
wij zetelen
jullie zetelen
zij zetelen

Verleden tijd

ik zetelde
jij zetelde
u zetelde
hij/zij/het zetelde
wij zetelden
jullie zetelden
zij zetelden

Gebiedende wijs

Imperatief

zetel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zetelen

Gerundium

zetelen

Onvoltooid deelwoord

zetelend

Voltooid deelwoord

gezeteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.