Vervoeging van zeggen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zeggen
to say, tell
irregular weak
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)zeg
Verleden tijd (ik)zei / zegde
Voltooid deelwoordgezegd
Volledige vervoeging van het werkwoord zeggen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zeg
jij zegt (inversie: zeg jij)
u zegt
hij/zij/het zegt
wij zeggen
jullie zeggen
zij zeggen

Verleden tijd

ik zei / zegde
jij zei (inversie: zegde jij)
u zei / zegde
hij/zij/het zei / zegde
wij zeiden / zegden
jullie zeiden / zegden
zij zeiden / zegden

Gebiedende wijs

Imperatief

zeg

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zeggen

Gerundium

zeggen

Onvoltooid deelwoord

zeggend

Voltooid deelwoord

gezegd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.