Vervoeging van zagen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zagen
to saw
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zaag
Verleden tijd (ik)zaagde
Voltooid deelwoordgezaagd
Volledige vervoeging van het werkwoord zagen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zaag
jij zaagt (inversie: zaag jij)
u zaagt
hij/zij/het zaagt
wij zagen
jullie zagen
zij zagen

Verleden tijd

ik zaagde
jij zaagde
u zaagde
hij/zij/het zaagde
wij zaagden
jullie zaagden
zij zaagden

Gebiedende wijs

Imperatief

zaag

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zagen

Gerundium

zagen

Onvoltooid deelwoord

zagend

Voltooid deelwoord

gezaagd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.