Vervoeging van zaaien

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

zaaien
to sow, plant seed
weak
Tegenwoordige tijd (ik)zaai
Verleden tijd (ik)zaaide
Voltooid deelwoordgezaaid
Volledige vervoeging van het werkwoord zaaien: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zaai
jij zaait (inversie: zaai jij)
u zaait
hij/zij/het zaait
wij zaaien
jullie zaaien
zij zaaien

Verleden tijd

ik zaaide
jij zaaide
u zaaide
hij/zij/het zaaide
wij zaaiden
jullie zaaiden
zij zaaiden

Gebiedende wijs

Imperatief

zaai

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

zaaien

Gerundium

zaaien

Onvoltooid deelwoord

zaaiend

Voltooid deelwoord

gezaaid

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.