Vervoeging van wortelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

wortelen
(used with in) to originate (from)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)wortel
Verleden tijd (ik)wortelde
Voltooid deelwoordgeworteld
Volledige vervoeging van het werkwoord wortelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik wortel
jij wortelt (inversie: wortel jij)
u wortelt
hij/zij/het wortelt
wij wortelen
jullie wortelen
zij wortelen

Verleden tijd

ik wortelde
jij wortelde
u wortelde
hij/zij/het wortelde
wij wortelden
jullie wortelden
zij wortelden

Gebiedende wijs

Imperatief

wortel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

wortelen

Gerundium

wortelen

Onvoltooid deelwoord

wortelend

Voltooid deelwoord

geworteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.