to churn, to turn over, to rout (e.g. of swine)
Tegenwoordige tijd (ik)woel
Verleden tijd (ik)woelde
Voltooid deelwoordgewoeld
Volledige vervoeging van het werkwoord woelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik woel
jij woelt (inversie: woel jij)
u woelt
hij/zij/het woelt
wij woelen
jullie woelen
zij woelen
Verleden tijd
ik woelde
jij woelde
u woelde
hij/zij/het woelde
wij woelden
jullie woelden
zij woelden
Gebiedende wijs
Imperatief
woel
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
woelen
Gerundium
woelen
Onvoltooid deelwoord
woelend
Voltooid deelwoord
gewoeld
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.