Vervoeging van willen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

willen
to want, desire
irregular
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)wil
Verleden tijd (ik)wilde / wou
Voltooid deelwoordgewild
Volledige vervoeging van het werkwoord willen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik wil
jij wilt (inversie: wil jij)
u wilt / wil
hij/zij/het wil
wij willen
jullie willen
zij willen

Verleden tijd

ik wilde / wou
jij wilde (inversie: wou jij)
u wilde / wou
hij/zij/het wilde / wou
wij wilden / wouden
jullie wilden / wouden
zij wilden / wouden

Gebiedende wijs

Imperatief

wil

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

willen

Gerundium

willen

Onvoltooid deelwoord

willend

Voltooid deelwoord

gewild

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.