Vervoeging van wildplukken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

wildplukken
to gather wild vegetables and fruits from nature
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)pluk wild
Verleden tijd (ik)plukte wild
Voltooid deelwoordwildgeplukt
Volledige vervoeging van het werkwoord wildplukken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik pluk wild
jij plukt wild (inversie: pluk wild jij)
u plukt wild
hij/zij/het plukt wild
wij plukken wild
jullie plukken wild
zij plukken wild

Verleden tijd

ik plukte wild
jij plukte wild
u plukte wild
hij/zij/het plukte wild
wij plukten wild
jullie plukten wild
zij plukten wild

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik wildpluk
(dat) jij wildplukt
(dat) u wildplukt
(dat) hij/zij/het wildplukt
(dat) wij wildplukken
(dat) jullie wildplukken
(dat) zij wildplukken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik wildplukte
(dat) jij wildplukte
(dat) u wildplukte
(dat) hij/zij/het wildplukte
(dat) wij wildplukten
(dat) jullie wildplukten
(dat) zij wildplukten

Gebiedende wijs

Imperatief

pluk wild

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

wildplukken

Gerundium

wildplukken

Onvoltooid deelwoord

wildplukkend

Voltooid deelwoord

wildgeplukt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.