Vervoeging van wieden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

wieden
to weed, to remove weeds (from)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)wied
Verleden tijd (ik)wiedde
Voltooid deelwoordgewied
Volledige vervoeging van het werkwoord wieden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik wied
jij wiedt (inversie: wied jij)
u wiedt
hij/zij/het wiedt
wij wieden
jullie wieden
zij wieden

Verleden tijd

ik wiedde
jij wiedde
u wiedde
hij/zij/het wiedde
wij wiedden
jullie wiedden
zij wiedden

Gebiedende wijs

Imperatief

wied

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

wieden

Gerundium

wieden

Onvoltooid deelwoord

wiedend

Voltooid deelwoord

gewied

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.