Vervoeging van wegbouwen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

wegbouwen
to hide from sight by building something in front or around
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)bouw weg
Verleden tijd (ik)bouwde weg
Voltooid deelwoordweggebouwd
Volledige vervoeging van het werkwoord wegbouwen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik bouw weg
jij bouwt weg (inversie: bouw weg jij)
u bouwt weg
hij/zij/het bouwt weg
wij bouwen weg
jullie bouwen weg
zij bouwen weg

Verleden tijd

ik bouwde weg
jij bouwde weg
u bouwde weg
hij/zij/het bouwde weg
wij bouwden weg
jullie bouwden weg
zij bouwden weg

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik wegbouw
(dat) jij wegbouwt
(dat) u wegbouwt
(dat) hij/zij/het wegbouwt
(dat) wij wegbouwen
(dat) jullie wegbouwen
(dat) zij wegbouwen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik wegbouwde
(dat) jij wegbouwde
(dat) u wegbouwde
(dat) hij/zij/het wegbouwde
(dat) wij wegbouwden
(dat) jullie wegbouwden
(dat) zij wegbouwden

Gebiedende wijs

Imperatief

bouw weg

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

wegbouwen

Gerundium

wegbouwen

Onvoltooid deelwoord

wegbouwend

Voltooid deelwoord

weggebouwd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.