Vervoeging van wateren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

wateren
to water, to irrigate, to soak
weak
Tegenwoordige tijd (ik)water
Verleden tijd (ik)waterde
Voltooid deelwoordgewaterd
Volledige vervoeging van het werkwoord wateren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik water
jij watert (inversie: water jij)
u watert
hij/zij/het watert
wij wateren
jullie wateren
zij wateren

Verleden tijd

ik waterde
jij waterde
u waterde
hij/zij/het waterde
wij waterden
jullie waterden
zij waterden

Gebiedende wijs

Imperatief

water

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

wateren

Gerundium

wateren

Onvoltooid deelwoord

waterend

Voltooid deelwoord

gewaterd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.