Vervoeging van vooruitgaan

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

vooruitgaan
to go forwards
irregular separable strong
scheidbaar
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)ga vooruit
Verleden tijd (ik)ging vooruit
Voltooid deelwoordvooruitgegaan
Volledige vervoeging van het werkwoord vooruitgaan: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik ga vooruit
jij gaat vooruit (inversie: ga vooruit jij)
u gaat vooruit
hij/zij/het gaat vooruit
wij gaan vooruit
jullie gaan vooruit
zij gaan vooruit

Verleden tijd

ik ging vooruit
jij ging vooruit
u ging vooruit
hij/zij/het ging vooruit
wij gingen vooruit
jullie gingen vooruit
zij gingen vooruit

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik vooruitga
(dat) jij vooruitgaat
(dat) u vooruitgaat
(dat) hij/zij/het vooruitgaat
(dat) wij vooruitgaan
(dat) jullie vooruitgaan
(dat) zij vooruitgaan

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik vooruitging
(dat) jij vooruitging
(dat) u vooruitging
(dat) hij/zij/het vooruitging
(dat) wij vooruitgingen
(dat) jullie vooruitgingen
(dat) zij vooruitgingen

Gebiedende wijs

Imperatief

ga vooruit

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

vooruitgaan

Gerundium

vooruitgaan

Onvoltooid deelwoord

vooruitgaand

Voltooid deelwoord

vooruitgegaan

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.