Vervoeging van voortleven

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

voortleven
to live on, to continue to live
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)leef voort
Verleden tijd (ik)leefde voort
Voltooid deelwoordvoortgeleefd
Volledige vervoeging van het werkwoord voortleven: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik leef voort
jij leeft voort (inversie: leef voort jij)
u leeft voort
hij/zij/het leeft voort
wij leven voort
jullie leven voort
zij leven voort

Verleden tijd

ik leefde voort
jij leefde voort
u leefde voort
hij/zij/het leefde voort
wij leefden voort
jullie leefden voort
zij leefden voort

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik voortleef
(dat) jij voortleeft
(dat) u voortleeft
(dat) hij/zij/het voortleeft
(dat) wij voortleven
(dat) jullie voortleven
(dat) zij voortleven

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik voortleefde
(dat) jij voortleefde
(dat) u voortleefde
(dat) hij/zij/het voortleefde
(dat) wij voortleefden
(dat) jullie voortleefden
(dat) zij voortleefden

Gebiedende wijs

Imperatief

leef voort

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

voortleven

Gerundium

voortleven

Onvoltooid deelwoord

voortlevend

Voltooid deelwoord

voortgeleefd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.