to embroider further
Tegenwoordige tijd (ik)borduur voort
Verleden tijd (ik)borduurde voort
Voltooid deelwoordvoortgeborduurd
Volledige vervoeging van het werkwoord voortborduren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik borduur voort
jij borduurt voort (inversie: borduur voort jij)
u borduurt voort
hij/zij/het borduurt voort
wij borduren voort
jullie borduren voort
zij borduren voort
Verleden tijd
ik borduurde voort
jij borduurde voort
u borduurde voort
hij/zij/het borduurde voort
wij borduurden voort
jullie borduurden voort
zij borduurden voort
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik voortborduur
(dat) jij voortborduurt
(dat) u voortborduurt
(dat) hij/zij/het voortborduurt
(dat) wij voortborduren
(dat) jullie voortborduren
(dat) zij voortborduren
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik voortborduurde
(dat) jij voortborduurde
(dat) u voortborduurde
(dat) hij/zij/het voortborduurde
(dat) wij voortborduurden
(dat) jullie voortborduurden
(dat) zij voortborduurden
Gebiedende wijs
Imperatief
borduur voort
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
voortborduren
Gerundium
voortborduren
Onvoltooid deelwoord
voortbordurend
Voltooid deelwoord
voortgeborduurd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.