2 verschillende werkwoorden « volbouwen »:
volbouwen — to fully build, to build till completion · volbouwen — to build in specific area till it's fill
to fully build, to build till completion
Tegenwoordige tijd (ik)volbouw
Verleden tijd (ik)volbouwde
Voltooid deelwoordvolbouwd
Volledige vervoeging van het werkwoord volbouwen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik volbouw
jij volbouwt (inversie: volbouw jij)
u volbouwt
hij/zij/het volbouwt
wij volbouwen
jullie volbouwen
zij volbouwen
Verleden tijd
ik volbouwde
jij volbouwde
u volbouwde
hij/zij/het volbouwde
wij volbouwden
jullie volbouwden
zij volbouwden
Gebiedende wijs
Imperatief
volbouw
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
volbouwen
Gerundium
volbouwen
Onvoltooid deelwoord
volbouwend
Voltooid deelwoord
volbouwd
to build in specific area till it's filled up
Tegenwoordige tijd (ik)bouw vol
Verleden tijd (ik)bouwde vol
Voltooid deelwoordvolgebouwd
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik bouw vol
jij bouwt vol (inversie: bouw vol jij)
u bouwt vol
hij/zij/het bouwt vol
wij bouwen vol
jullie bouwen vol
zij bouwen vol
Verleden tijd
ik bouwde vol
jij bouwde vol
u bouwde vol
hij/zij/het bouwde vol
wij bouwden vol
jullie bouwden vol
zij bouwden vol
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik volbouw
(dat) jij volbouwt
(dat) u volbouwt
(dat) hij/zij/het volbouwt
(dat) wij volbouwen
(dat) jullie volbouwen
(dat) zij volbouwen
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik volbouwde
(dat) jij volbouwde
(dat) u volbouwde
(dat) hij/zij/het volbouwde
(dat) wij volbouwden
(dat) jullie volbouwden
(dat) zij volbouwden
Gebiedende wijs
Imperatief
bouw vol
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
volbouwen
Gerundium
volbouwen
Onvoltooid deelwoord
volbouwend
Voltooid deelwoord
volgebouwd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.