Vervoeging van verprutsen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

verprutsen
to mess up, to ruin, to spoil
weak
Tegenwoordige tijd (ik)verpruts
Verleden tijd (ik)verprutste
Voltooid deelwoordverprutst
Volledige vervoeging van het werkwoord verprutsen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik verpruts
jij verprutst (inversie: verpruts jij)
u verprutst
hij/zij/het verprutst
wij verprutsen
jullie verprutsen
zij verprutsen

Verleden tijd

ik verprutste
jij verprutste
u verprutste
hij/zij/het verprutste
wij verprutsten
jullie verprutsten
zij verprutsten

Gebiedende wijs

Imperatief

verpruts

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

verprutsen

Gerundium

verprutsen

Onvoltooid deelwoord

verprutsend

Voltooid deelwoord

verprutst

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.