Vervoeging van vermeerderen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

vermeerderen
to increase in number, to multiply
weak
Tegenwoordige tijd (ik)vermeerder
Verleden tijd (ik)vermeerderde
Voltooid deelwoordvermeerderd
Volledige vervoeging van het werkwoord vermeerderen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik vermeerder
jij vermeerdert (inversie: vermeerder jij)
u vermeerdert
hij/zij/het vermeerdert
wij vermeerderen
jullie vermeerderen
zij vermeerderen

Verleden tijd

ik vermeerderde
jij vermeerderde
u vermeerderde
hij/zij/het vermeerderde
wij vermeerderden
jullie vermeerderden
zij vermeerderden

Gebiedende wijs

Imperatief

vermeerder

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

vermeerderen

Gerundium

vermeerderen

Onvoltooid deelwoord

vermeerderend

Voltooid deelwoord

vermeerderd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.