Vervoeging van uitverkiezen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

uitverkiezen
to choose, to elect, to predestine
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)verkies uit
Verleden tijd (ik)verkoos uit
Voltooid deelwoorduitverkozen
Volledige vervoeging van het werkwoord uitverkiezen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik verkies uit
jij verkiest uit (inversie: verkies uit jij)
u verkiest uit
hij/zij/het verkiest uit
wij verkiezen uit
jullie verkiezen uit
zij verkiezen uit

Verleden tijd

ik verkoos uit
jij verkoos uit
u verkoos uit
hij/zij/het verkoos uit
wij verkozen uit
jullie verkozen uit
zij verkozen uit

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik uitverkies
(dat) jij uitverkiest
(dat) u uitverkiest
(dat) hij/zij/het uitverkiest
(dat) wij uitverkiezen
(dat) jullie uitverkiezen
(dat) zij uitverkiezen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik uitverkoos
(dat) jij uitverkoos
(dat) u uitverkoos
(dat) hij/zij/het uitverkoos
(dat) wij uitverkozen
(dat) jullie uitverkozen
(dat) zij uitverkozen

Gebiedende wijs

Imperatief

verkies uit

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

uitverkiezen

Gerundium

uitverkiezen

Onvoltooid deelwoord

uitverkiezend

Voltooid deelwoord

uitverkozen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.