Vervoeging van toewenden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

toewenden
to turn to (to turn, to go to or to address)
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)wend toe
Verleden tijd (ik)wendde toe
Voltooid deelwoordtoegewend
Volledige vervoeging van het werkwoord toewenden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik wend toe
jij wendt toe (inversie: wend toe jij)
u wendt toe
hij/zij/het wendt toe
wij wenden toe
jullie wenden toe
zij wenden toe

Verleden tijd

ik wendde toe
jij wendde toe
u wendde toe
hij/zij/het wendde toe
wij wendden toe
jullie wendden toe
zij wendden toe

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik toewend
(dat) jij toewendt
(dat) u toewendt
(dat) hij/zij/het toewendt
(dat) wij toewenden
(dat) jullie toewenden
(dat) zij toewenden

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik toewendde
(dat) jij toewendde
(dat) u toewendde
(dat) hij/zij/het toewendde
(dat) wij toewendden
(dat) jullie toewendden
(dat) zij toewendden

Gebiedende wijs

Imperatief

wend toe

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

toewenden

Gerundium

toewenden

Onvoltooid deelwoord

toewendend

Voltooid deelwoord

toegewend

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.