Vervoeging van toepassen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

toepassen
to apply, implement
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)pas toe
Verleden tijd (ik)paste toe
Voltooid deelwoordtoegepast
Volledige vervoeging van het werkwoord toepassen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik pas toe
jij past toe (inversie: pas toe jij)
u past toe
hij/zij/het past toe
wij passen toe
jullie passen toe
zij passen toe

Verleden tijd

ik paste toe
jij paste toe
u paste toe
hij/zij/het paste toe
wij pasten toe
jullie pasten toe
zij pasten toe

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik toepas
(dat) jij toepast
(dat) u toepast
(dat) hij/zij/het toepast
(dat) wij toepassen
(dat) jullie toepassen
(dat) zij toepassen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik toepaste
(dat) jij toepaste
(dat) u toepaste
(dat) hij/zij/het toepaste
(dat) wij toepasten
(dat) jullie toepasten
(dat) zij toepasten

Gebiedende wijs

Imperatief

pas toe

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

toepassen

Gerundium

toepassen

Onvoltooid deelwoord

toepassend

Voltooid deelwoord

toegepast

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.