Vervoeging van toelonken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

toelonken
to beckon to, to lure
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)lonk toe
Verleden tijd (ik)lonkte toe
Voltooid deelwoordtoegelonkt
Volledige vervoeging van het werkwoord toelonken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik lonk toe
jij lonkt toe (inversie: lonk toe jij)
u lonkt toe
hij/zij/het lonkt toe
wij lonken toe
jullie lonken toe
zij lonken toe

Verleden tijd

ik lonkte toe
jij lonkte toe
u lonkte toe
hij/zij/het lonkte toe
wij lonkten toe
jullie lonkten toe
zij lonkten toe

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik toelonk
(dat) jij toelonkt
(dat) u toelonkt
(dat) hij/zij/het toelonkt
(dat) wij toelonken
(dat) jullie toelonken
(dat) zij toelonken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik toelonkte
(dat) jij toelonkte
(dat) u toelonkte
(dat) hij/zij/het toelonkte
(dat) wij toelonkten
(dat) jullie toelonkten
(dat) zij toelonkten

Gebiedende wijs

Imperatief

lonk toe

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

toelonken

Gerundium

toelonken

Onvoltooid deelwoord

toelonkend

Voltooid deelwoord

toegelonkt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.