Vervoeging van terugzien

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

terugzien
to see (someone) again/back
irregular separable strong
scheidbaar
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)zie terug
Verleden tijd (ik)zag terug
Voltooid deelwoordteruggezien
Volledige vervoeging van het werkwoord terugzien: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zie terug
jij ziet terug (inversie: zie terug jij)
u ziet terug
hij/zij/het ziet terug
wij zien terug
jullie zien terug
zij zien terug

Verleden tijd

ik zag terug
jij zag terug
u zag terug
hij/zij/het zag terug
wij zagen terug
jullie zagen terug
zij zagen terug

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik terugzie
(dat) jij terugziet
(dat) u terugziet
(dat) hij/zij/het terugziet
(dat) wij terugzien
(dat) jullie terugzien
(dat) zij terugzien

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik terugzag
(dat) jij terugzag
(dat) u terugzag
(dat) hij/zij/het terugzag
(dat) wij terugzagen
(dat) jullie terugzagen
(dat) zij terugzagen

Gebiedende wijs

Imperatief

zie terug

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

terugzien

Gerundium

terugzien

Onvoltooid deelwoord

terugziend

Voltooid deelwoord

teruggezien

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.