Vervoeging van terugstellen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

terugstellen
to reset
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)stel terug
Verleden tijd (ik)stelde terug
Voltooid deelwoordteruggesteld
Volledige vervoeging van het werkwoord terugstellen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik stel terug
jij stelt terug (inversie: stel terug jij)
u stelt terug
hij/zij/het stelt terug
wij stellen terug
jullie stellen terug
zij stellen terug

Verleden tijd

ik stelde terug
jij stelde terug
u stelde terug
hij/zij/het stelde terug
wij stelden terug
jullie stelden terug
zij stelden terug

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik terugstel
(dat) jij terugstelt
(dat) u terugstelt
(dat) hij/zij/het terugstelt
(dat) wij terugstellen
(dat) jullie terugstellen
(dat) zij terugstellen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik terugstelde
(dat) jij terugstelde
(dat) u terugstelde
(dat) hij/zij/het terugstelde
(dat) wij terugstelden
(dat) jullie terugstelden
(dat) zij terugstelden

Gebiedende wijs

Imperatief

stel terug

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

terugstellen

Gerundium

terugstellen

Onvoltooid deelwoord

terugstellend

Voltooid deelwoord

teruggesteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.