to come back, to return
Tegenwoordige tijd (ik)kom terug
Verleden tijd (ik)kwam terug
Voltooid deelwoordteruggekomen
Volledige vervoeging van het werkwoord terugkomen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik kom terug
jij komt terug (inversie: kom terug jij)
u komt terug
hij/zij/het komt terug
wij komen terug
jullie komen terug
zij komen terug
Verleden tijd
ik kwam terug
jij kwam terug
u kwam terug
hij/zij/het kwam terug
wij kwamen terug
jullie kwamen terug
zij kwamen terug
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik terugkom
(dat) jij terugkomt
(dat) u terugkomt
(dat) hij/zij/het terugkomt
(dat) wij terugkomen
(dat) jullie terugkomen
(dat) zij terugkomen
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik terugkwam
(dat) jij terugkwam
(dat) u terugkwam
(dat) hij/zij/het terugkwam
(dat) wij terugkwamen
(dat) jullie terugkwamen
(dat) zij terugkwamen
Gebiedende wijs
Imperatief
kom terug
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
terugkomen
Gerundium
terugkomen
Onvoltooid deelwoord
terugkomend
Voltooid deelwoord
teruggekomen
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.