Vervoeging van tekortschieten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

tekortschieten
to fall short
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)schiet tekort
Verleden tijd (ik)schoot tekort
Voltooid deelwoordtekortgeschoten
Volledige vervoeging van het werkwoord tekortschieten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik schiet tekort
jij schiet tekort
u schiet tekort
hij/zij/het schiet tekort
wij schieten tekort
jullie schieten tekort
zij schieten tekort

Verleden tijd

ik schoot tekort
jij schoot tekort
u schoot tekort
hij/zij/het schoot tekort
wij schoten tekort
jullie schoten tekort
zij schoten tekort

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik tekortschiet
(dat) jij tekortschiet
(dat) u tekortschiet
(dat) hij/zij/het tekortschiet
(dat) wij tekortschieten
(dat) jullie tekortschieten
(dat) zij tekortschieten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik tekortschoot
(dat) jij tekortschoot
(dat) u tekortschoot
(dat) hij/zij/het tekortschoot
(dat) wij tekortschoten
(dat) jullie tekortschoten
(dat) zij tekortschoten

Gebiedende wijs

Imperatief

schiet tekort

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

tekortschieten

Gerundium

tekortschieten

Onvoltooid deelwoord

tekortschietend

Voltooid deelwoord

tekortgeschoten

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.