to streak (to run naked in public, especially at sports games)
Tegenwoordige tijd (ik)streak
Verleden tijd (ik)streakte
Voltooid deelwoordgestreakt
Volledige vervoeging van het werkwoord streaken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik streak
jij streakt (inversie: streak jij)
u streakt
hij/zij/het streakt
wij streaken
jullie streaken
zij streaken
Verleden tijd
ik streakte
jij streakte
u streakte
hij/zij/het streakte
wij streakten
jullie streakten
zij streakten
Gebiedende wijs
Imperatief
streak
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
streaken
Gerundium
streaken
Onvoltooid deelwoord
streakend
Voltooid deelwoord
gestreakt
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.