to lay still
Tegenwoordige tijd (ik)leg stil
Verleden tijd (ik)legde stil
Voltooid deelwoordstilgelegd
Volledige vervoeging van het werkwoord stilleggen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik leg stil
jij legt stil (inversie: leg stil jij)
u legt stil
hij/zij/het legt stil
wij leggen stil
jullie leggen stil
zij leggen stil
Verleden tijd
ik legde stil
jij legde stil
u legde stil
hij/zij/het legde stil
wij legden stil
jullie legden stil
zij legden stil
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik stilleg
(dat) jij stillegt
(dat) u stillegt
(dat) hij/zij/het stillegt
(dat) wij stilleggen
(dat) jullie stilleggen
(dat) zij stilleggen
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik stillegde
(dat) jij stillegde
(dat) u stillegde
(dat) hij/zij/het stillegde
(dat) wij stillegden
(dat) jullie stillegden
(dat) zij stillegden
Gebiedende wijs
Imperatief
leg stil
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
stilleggen
Gerundium
stilleggen
Onvoltooid deelwoord
stilleggend
Voltooid deelwoord
stilgelegd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.