Vervoeging van souffleren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

souffleren
to prompt
weak
Tegenwoordige tijd (ik)souffleer
Verleden tijd (ik)souffleerde
Voltooid deelwoordgesouffleerd
Volledige vervoeging van het werkwoord souffleren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik souffleer
jij souffleert (inversie: souffleer jij)
u souffleert
hij/zij/het souffleert
wij souffleren
jullie souffleren
zij souffleren

Verleden tijd

ik souffleerde
jij souffleerde
u souffleerde
hij/zij/het souffleerde
wij souffleerden
jullie souffleerden
zij souffleerden

Gebiedende wijs

Imperatief

souffleer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

souffleren

Gerundium

souffleren

Onvoltooid deelwoord

soufflerend

Voltooid deelwoord

gesouffleerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.