to succeed (obtaining what was desired)
Tegenwoordige tijd (ik)slaag
Verleden tijd (ik)slaagde
Voltooid deelwoordgeslaagd
Volledige vervoeging van het werkwoord slagen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik slaag
jij slaagt (inversie: slaag jij)
u slaagt
hij/zij/het slaagt
wij slagen
jullie slagen
zij slagen
Verleden tijd
ik slaagde
jij slaagde
u slaagde
hij/zij/het slaagde
wij slaagden
jullie slaagden
zij slaagden
Gebiedende wijs
Imperatief
slaag
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
slagen
Gerundium
slagen
Onvoltooid deelwoord
slagend
Voltooid deelwoord
geslaagd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.