Vervoeging van schamen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

schamen
to be ashamed
weak
Tegenwoordige tijd (ik)schaam
Verleden tijd (ik)schaamde
Voltooid deelwoordgeschaamd
Volledige vervoeging van het werkwoord schamen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik schaam
jij schaamt (inversie: schaam jij)
u schaamt
hij/zij/het schaamt
wij schamen
jullie schamen
zij schamen

Verleden tijd

ik schaamde
jij schaamde
u schaamde
hij/zij/het schaamde
wij schaamden
jullie schaamden
zij schaamden

Gebiedende wijs

Imperatief

schaam

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

schamen

Gerundium

schamen

Onvoltooid deelwoord

schamend

Voltooid deelwoord

geschaamd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.