to summarize (US); summarise (UK)
Tegenwoordige tijd (ik)vat samen
Verleden tijd (ik)vatte samen
Voltooid deelwoordsamengevat
Volledige vervoeging van het werkwoord samenvatten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik vat samen
jij vat samen
u vat samen
hij/zij/het vat samen
wij vatten samen
jullie vatten samen
zij vatten samen
Verleden tijd
ik vatte samen
jij vatte samen
u vatte samen
hij/zij/het vatte samen
wij vatten samen
jullie vatten samen
zij vatten samen
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik samenvat
(dat) jij samenvat
(dat) u samenvat
(dat) hij/zij/het samenvat
(dat) wij samenvatten
(dat) jullie samenvatten
(dat) zij samenvatten
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik samenvatte
(dat) jij samenvatte
(dat) u samenvatte
(dat) hij/zij/het samenvatte
(dat) wij samenvatten
(dat) jullie samenvatten
(dat) zij samenvatten
Gebiedende wijs
Imperatief
vat samen
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
samenvatten
Gerundium
samenvatten
Onvoltooid deelwoord
samenvattend
Voltooid deelwoord
samengevat
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.