Vervoeging van rondrijden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

rondrijden
to drive around
irregular separable strong
scheidbaar
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)rij rond / rijd rond
Verleden tijd (ik)reed rond
Voltooid deelwoordrondgereden
Volledige vervoeging van het werkwoord rondrijden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik rij rond / rijd rond
jij rijdt rond / rij rond / rijd rond
u rijdt rond
hij/zij/het rijdt rond
wij rijden rond
jullie rijden rond
zij rijden rond

Verleden tijd

ik reed rond
jij reed rond
u reed rond
hij/zij/het reed rond
wij reden rond
jullie reden rond
zij reden rond

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik rondrij / rondrijd
(dat) jij rondrijdt
(dat) u rondrijdt
(dat) hij/zij/het rondrijdt
(dat) wij rondrijden
(dat) jullie rondrijden
(dat) zij rondrijden

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik rondreed
(dat) jij rondreed
(dat) u rondreed
(dat) hij/zij/het rondreed
(dat) wij rondreden
(dat) jullie rondreden
(dat) zij rondreden

Gebiedende wijs

Imperatief

rij rond / rijd rond

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

rondrijden

Gerundium

rondrijden

Onvoltooid deelwoord

rondrijdend

Voltooid deelwoord

rondgereden

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.