Vervoeging van rijpen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

rijpen
to ripen
weak
Tegenwoordige tijd (ik)rijp
Verleden tijd (ik)rijpte
Voltooid deelwoordgerijpt
Volledige vervoeging van het werkwoord rijpen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik rijp
jij rijpt (inversie: rijp jij)
u rijpt
hij/zij/het rijpt
wij rijpen
jullie rijpen
zij rijpen

Verleden tijd

ik rijpte
jij rijpte
u rijpte
hij/zij/het rijpte
wij rijpten
jullie rijpten
zij rijpten

Gebiedende wijs

Imperatief

rijp

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

rijpen

Gerundium

rijpen

Onvoltooid deelwoord

rijpend

Voltooid deelwoord

gerijpt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.