Vervoeging van relativeren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

relativeren
to relativize
weak
Tegenwoordige tijd (ik)relativeer
Verleden tijd (ik)relativeerde
Voltooid deelwoordgerelativeerd
Volledige vervoeging van het werkwoord relativeren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik relativeer
jij relativeert (inversie: relativeer jij)
u relativeert
hij/zij/het relativeert
wij relativeren
jullie relativeren
zij relativeren

Verleden tijd

ik relativeerde
jij relativeerde
u relativeerde
hij/zij/het relativeerde
wij relativeerden
jullie relativeerden
zij relativeerden

Gebiedende wijs

Imperatief

relativeer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

relativeren

Gerundium

relativeren

Onvoltooid deelwoord

relativerend

Voltooid deelwoord

gerelativeerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.