Vervoeging van rantsoeneren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

rantsoeneren
to ration, to provide with supplies
weak
Tegenwoordige tijd (ik)rantsoeneer
Verleden tijd (ik)rantsoeneerde
Voltooid deelwoordgerantsoeneerd
Volledige vervoeging van het werkwoord rantsoeneren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik rantsoeneer
jij rantsoeneert (inversie: rantsoeneer jij)
u rantsoeneert
hij/zij/het rantsoeneert
wij rantsoeneren
jullie rantsoeneren
zij rantsoeneren

Verleden tijd

ik rantsoeneerde
jij rantsoeneerde
u rantsoeneerde
hij/zij/het rantsoeneerde
wij rantsoeneerden
jullie rantsoeneerden
zij rantsoeneerden

Gebiedende wijs

Imperatief

rantsoeneer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

rantsoeneren

Gerundium

rantsoeneren

Onvoltooid deelwoord

rantsoenerend

Voltooid deelwoord

gerantsoeneerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.