Vervoeging van pruttelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

pruttelen
to simmer, cook slowly over low heat
weak
Tegenwoordige tijd (ik)pruttel
Verleden tijd (ik)pruttelde
Voltooid deelwoordgeprutteld
Volledige vervoeging van het werkwoord pruttelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik pruttel
jij pruttelt (inversie: pruttel jij)
u pruttelt
hij/zij/het pruttelt
wij pruttelen
jullie pruttelen
zij pruttelen

Verleden tijd

ik pruttelde
jij pruttelde
u pruttelde
hij/zij/het pruttelde
wij pruttelden
jullie pruttelden
zij pruttelden

Gebiedende wijs

Imperatief

pruttel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

pruttelen

Gerundium

pruttelen

Onvoltooid deelwoord

pruttelend

Voltooid deelwoord

geprutteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.