Vervoeging van polariseren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

polariseren
to polarize
weak
Tegenwoordige tijd (ik)polariseer
Verleden tijd (ik)polariseerde
Voltooid deelwoordgepolariseerd
Volledige vervoeging van het werkwoord polariseren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik polariseer
jij polariseert (inversie: polariseer jij)
u polariseert
hij/zij/het polariseert
wij polariseren
jullie polariseren
zij polariseren

Verleden tijd

ik polariseerde
jij polariseerde
u polariseerde
hij/zij/het polariseerde
wij polariseerden
jullie polariseerden
zij polariseerden

Gebiedende wijs

Imperatief

polariseer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

polariseren

Gerundium

polariseren

Onvoltooid deelwoord

polariserend

Voltooid deelwoord

gepolariseerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.