Vervoeging van pijpen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

pijpen
to fellate, to blow, to suck (the object usually indicates the receiving person, but sometimes the member or item undergoing the action)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)pijp
Verleden tijd (ik)pijpte
Voltooid deelwoordgepijpt
Volledige vervoeging van het werkwoord pijpen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik pijp
jij pijpt (inversie: pijp jij)
u pijpt
hij/zij/het pijpt
wij pijpen
jullie pijpen
zij pijpen

Verleden tijd

ik pijpte
jij pijpte
u pijpte
hij/zij/het pijpte
wij pijpten
jullie pijpten
zij pijpten

Gebiedende wijs

Imperatief

pijp

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

pijpen

Gerundium

pijpen

Onvoltooid deelwoord

pijpend

Voltooid deelwoord

gepijpt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.