Vervoeging van overzetten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

overzetten
to ferry (to move someone/something from one place to another in general, or over water in particular)
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)zet over
Verleden tijd (ik)zette over
Voltooid deelwoordovergezet
Volledige vervoeging van het werkwoord overzetten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zet over
jij zet over
u zet over
hij/zij/het zet over
wij zetten over
jullie zetten over
zij zetten over

Verleden tijd

ik zette over
jij zette over
u zette over
hij/zij/het zette over
wij zetten over
jullie zetten over
zij zetten over

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik overzet
(dat) jij overzet
(dat) u overzet
(dat) hij/zij/het overzet
(dat) wij overzetten
(dat) jullie overzetten
(dat) zij overzetten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik overzette
(dat) jij overzette
(dat) u overzette
(dat) hij/zij/het overzette
(dat) wij overzetten
(dat) jullie overzetten
(dat) zij overzetten

Gebiedende wijs

Imperatief

zet over

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overzetten

Gerundium

overzetten

Onvoltooid deelwoord

overzettend

Voltooid deelwoord

overgezet

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.