Vervoeging van overwinteren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

overwinteren
to overwinter (to spend the winter)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)overwinter
Verleden tijd (ik)overwinterde
Voltooid deelwoordoverwinterd
Volledige vervoeging van het werkwoord overwinteren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik overwinter
jij overwintert (inversie: overwinter jij)
u overwintert
hij/zij/het overwintert
wij overwinteren
jullie overwinteren
zij overwinteren

Verleden tijd

ik overwinterde
jij overwinterde
u overwinterde
hij/zij/het overwinterde
wij overwinterden
jullie overwinterden
zij overwinterden

Gebiedende wijs

Imperatief

overwinter

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overwinteren

Gerundium

overwinteren

Onvoltooid deelwoord

overwinterend

Voltooid deelwoord

overwinterd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.