2 verschillende werkwoorden « overspuiten »:
overspuiten — to spray again · overspuiten — to overspray
to spray again
Tegenwoordige tijd (ik)spuit over
Verleden tijd (ik)spoot over
Voltooid deelwoordovergespoten
Volledige vervoeging van het werkwoord overspuiten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik spuit over
jij spuit over
u spuit over
hij/zij/het spuit over
wij spuiten over
jullie spuiten over
zij spuiten over
Verleden tijd
ik spoot over
jij spoot over
u spoot over
hij/zij/het spoot over
wij spoten over
jullie spoten over
zij spoten over
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik overspuit
(dat) jij overspuit
(dat) u overspuit
(dat) hij/zij/het overspuit
(dat) wij overspuiten
(dat) jullie overspuiten
(dat) zij overspuiten
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik overspoot
(dat) jij overspoot
(dat) u overspoot
(dat) hij/zij/het overspoot
(dat) wij overspoten
(dat) jullie overspoten
(dat) zij overspoten
Gebiedende wijs
Imperatief
spuit over
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
overspuiten
Gerundium
overspuiten
Onvoltooid deelwoord
overspuitend
Voltooid deelwoord
overgespoten
to overspray
Tegenwoordige tijd (ik)overspuit
Verleden tijd (ik)overspoot
Voltooid deelwoordoverspoten
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik overspuit
jij overspuit
u overspuit
hij/zij/het overspuit
wij overspuiten
jullie overspuiten
zij overspuiten
Verleden tijd
ik overspoot
jij overspoot
u overspoot
hij/zij/het overspoot
wij overspoten
jullie overspoten
zij overspoten
Gebiedende wijs
Imperatief
overspuit
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
overspuiten
Gerundium
overspuiten
Onvoltooid deelwoord
overspuitend
Voltooid deelwoord
overspoten
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.