Vervoeging van overlopen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

overlopen
to overflow
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)loop over
Verleden tijd (ik)liep over
Voltooid deelwoordovergelopen
Volledige vervoeging van het werkwoord overlopen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik loop over
jij loopt over (inversie: loop over jij)
u loopt over
hij/zij/het loopt over
wij lopen over
jullie lopen over
zij lopen over

Verleden tijd

ik liep over
jij liep over
u liep over
hij/zij/het liep over
wij liepen over
jullie liepen over
zij liepen over

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik overloop
(dat) jij overloopt
(dat) u overloopt
(dat) hij/zij/het overloopt
(dat) wij overlopen
(dat) jullie overlopen
(dat) zij overlopen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik overliep
(dat) jij overliep
(dat) u overliep
(dat) hij/zij/het overliep
(dat) wij overliepen
(dat) jullie overliepen
(dat) zij overliepen

Gebiedende wijs

Imperatief

loop over

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overlopen

Gerundium

overlopen

Onvoltooid deelwoord

overlopend

Voltooid deelwoord

overgelopen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.