Vervoeging van overlasten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

overlasten
to overburden, to burden excessively
weak
Tegenwoordige tijd (ik)overlast
Verleden tijd (ik)overlastte
Voltooid deelwoordoverlast
Volledige vervoeging van het werkwoord overlasten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik overlast
jij overlast
u overlast
hij/zij/het overlast
wij overlasten
jullie overlasten
zij overlasten

Verleden tijd

ik overlastte
jij overlastte
u overlastte
hij/zij/het overlastte
wij overlastten
jullie overlastten
zij overlastten

Gebiedende wijs

Imperatief

overlast

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overlasten

Gerundium

overlasten

Onvoltooid deelwoord

overlastend

Voltooid deelwoord

overlast

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.