Vervoeging van overjagen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

2 verschillende werkwoorden « overjagen »: overjagen — to hunt / chase across · overjagen — to hunt / chase excessively
overjagen
to hunt / chase across
separable strong weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)jaag over
Verleden tijd (ik)joeg over
Voltooid deelwoordovergejaagd
Volledige vervoeging van het werkwoord overjagen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik jaag over
jij jaagt over (inversie: jaag over jij)
u jaagt over
hij/zij/het jaagt over
wij jagen over
jullie jagen over
zij jagen over

Verleden tijd

ik joeg over
jij joeg over
u joeg over
hij/zij/het joeg over
wij joegen over
jullie joegen over
zij joegen over

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik overjaag
(dat) jij overjaagt
(dat) u overjaagt
(dat) hij/zij/het overjaagt
(dat) wij overjagen
(dat) jullie overjagen
(dat) zij overjagen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik overjoeg
(dat) jij overjoeg
(dat) u overjoeg
(dat) hij/zij/het overjoeg
(dat) wij overjoegen
(dat) jullie overjoegen
(dat) zij overjoegen

Gebiedende wijs

Imperatief

jaag over

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overjagen

Gerundium

overjagen

Onvoltooid deelwoord

overjagend

Voltooid deelwoord

overgejaagd
overjagen
to hunt / chase excessively
strong weak
Tegenwoordige tijd (ik)overjaag
Verleden tijd (ik)overjoeg
Voltooid deelwoordoverjaagd

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik overjaag
jij overjaagt (inversie: overjaag jij)
u overjaagt
hij/zij/het overjaagt
wij overjagen
jullie overjagen
zij overjagen

Verleden tijd

ik overjoeg
jij overjoeg
u overjoeg
hij/zij/het overjoeg
wij overjoegen
jullie overjoegen
zij overjoegen

Gebiedende wijs

Imperatief

overjaag

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

overjagen

Gerundium

overjagen

Onvoltooid deelwoord

overjagend

Voltooid deelwoord

overjaagd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.