Vervoeging van opzijlopen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

opzijlopen
to move aside
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)loop opzij
Verleden tijd (ik)liep opzij
Voltooid deelwoordopzijgelopen
Volledige vervoeging van het werkwoord opzijlopen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik loop opzij
jij loopt opzij (inversie: loop opzij jij)
u loopt opzij
hij/zij/het loopt opzij
wij lopen opzij
jullie lopen opzij
zij lopen opzij

Verleden tijd

ik liep opzij
jij liep opzij
u liep opzij
hij/zij/het liep opzij
wij liepen opzij
jullie liepen opzij
zij liepen opzij

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik opzijloop
(dat) jij opzijloopt
(dat) u opzijloopt
(dat) hij/zij/het opzijloopt
(dat) wij opzijlopen
(dat) jullie opzijlopen
(dat) zij opzijlopen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik opzijliep
(dat) jij opzijliep
(dat) u opzijliep
(dat) hij/zij/het opzijliep
(dat) wij opzijliepen
(dat) jullie opzijliepen
(dat) zij opzijliepen

Gebiedende wijs

Imperatief

loop opzij

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

opzijlopen

Gerundium

opzijlopen

Onvoltooid deelwoord

opzijlopend

Voltooid deelwoord

opzijgelopen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.