Vervoeging van opmerken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

opmerken
to remark, notice
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)merk op
Verleden tijd (ik)merkte op
Voltooid deelwoordopgemerkt
Volledige vervoeging van het werkwoord opmerken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik merk op
jij merkt op (inversie: merk op jij)
u merkt op
hij/zij/het merkt op
wij merken op
jullie merken op
zij merken op

Verleden tijd

ik merkte op
jij merkte op
u merkte op
hij/zij/het merkte op
wij merkten op
jullie merkten op
zij merkten op

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik opmerk
(dat) jij opmerkt
(dat) u opmerkt
(dat) hij/zij/het opmerkt
(dat) wij opmerken
(dat) jullie opmerken
(dat) zij opmerken

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik opmerkte
(dat) jij opmerkte
(dat) u opmerkte
(dat) hij/zij/het opmerkte
(dat) wij opmerkten
(dat) jullie opmerkten
(dat) zij opmerkten

Gebiedende wijs

Imperatief

merk op

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

opmerken

Gerundium

opmerken

Onvoltooid deelwoord

opmerkend

Voltooid deelwoord

opgemerkt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.